Leesfragment: Geen idee. Filosofie van het boerenverstand.

4 maart 2018 in Boeken

De populariteit van levenskunst en mindfulness laat zien dat steeds meer mensen zoeken naar houvast in het leven zelf. Maar opvallend genoeg stellen zelfs levenskunstfilosofen niet de cruciale vraag: wat bedoelen we precies met ‘het leven zelf’?

Voortbouwend op het denken van Ortega y Gasset en inzichten uit het boeddhisme ontwikkelt Jan Warndorff een vernieuwende filosofie die het alledaagse leven centraal stelt. Deze ‘filosofie van het boerenverstand’ staat geheel in het teken van de moraal: ‘Zie van zoveel mogelijk, zoveel mogelijk te houden.’ Warndorff wisselt analytische hoofdstukken af met praktische intermezzo’s, rijk aan doorleefde voorbeelden, en zo komt hij tot een filosofische innovatie die zowel het leven als het denken op een ander spoor zet.

Jan Warndorff (1965) is als kind van tropenartsen geboren en getogen in West- en Oost-Afrika en heeft daarnaast gewoond in de Verenigde Staten, Engeland en Brazilië. In 1985 kwam hij naar Nederland. Hij studeerde in 1996 cum laude af aan de Universiteit voor Humanistiek met de scriptie Humanistiek, Ortega en ik. Vervolgens werkte hij enkele jaren als journalist en taaltrainer, en sinds 2004 is hij voltijds vertaler en editor. Geen idee is zijn debuut. Lees hieronder een leesfragment uit dit boek.


Het leven als drama

Ieder mens zal dergelijke momenten van diepe twijfel kennen – ooit, of regelmatig, of misschien zelfs dagelijks. Misschien voelt iedereen dan ook wel aan dat twijfel niet als een wind van buiten komt en door je heen waait, maar opwelt vanuit jouw eigen aanwezigheid, als vanuit een diep en donker gat. Want het is niet zo dat we af en toe niet weten of een muziekstuk mooi is of lelijk, of een politieke uitspraak waar is of niet, of een ethisch gebod juist is of niet. De situatie is dat wij, in de grond van de zaak, helemaal niets zeker weten; behalve af en toe precies dat. Weliswaar kunnen we het gemakkelijk vergeten, soms wel voor jaren achtereen; totdat er iets gebeurt, bijvoorbeeld een ernstige ziekte of een ongeluk, dat je dwingt tot de vraag: wat is hier eigenlijk aan de hand? Waarom ben ik deze persoon en waarom ben ik hier op deze tijd en plaats, en waarom gebeuren de dingen zoals ze gebeuren? Wat is dit leven op aarde, wat is de bedoeling hiervan, wat is de zin?

Zodra die vragen zich opdringen, besef je ook dat ze veel ouder en veel dieper zijn dan enig menselijk antwoord; en dat eigenlijk niets belangrijker is dan die vragen. Niet omwille van de vragen zelf, maar omwille van datgene waarvan zij getuigen. Waarvan getuigen zij? Dat weten we juist niet, daar hebben we niet het begin van een antwoord op, niet het begin van een beeld, niet het begin van enig begrip, zodat wij heel onbeholpen moeten zeggen: zij getuigen van een immens mysterie.

Dit mysterie is de drijvende kracht, niet alleen achter ons eigen streven naar identiteit en zekerheid, maar achter alle religieuze en politieke verhalen die tot vandaag steun en richting verschaffen. Zo schildert Ortega de historie van de menselijke cultuur: als een opeenvolging van gezochte, geprobeerde en uiteindelijk weer tekortschietende antwoorden op het mysterie van ons bestaan. En als het mysterie zich aan jou opdringt, dan weet je dat jij zelf ook dat mysterie bent. Jij bent daaruit geboren en je zult daarin ook terug verdwijnen, en tussen die twee momenten geef je elke dag, elk moment, met elke ademhaling gestalte aan het mysterie.

Zoals eerder opgemerkt bevinden we ons voortdurend aan de rand van een afgrond; wellicht is dit de meest indringende reden waarom wij liever niet stilstaan bij wat hier echt gebeurt. Nu moeten we toch even over de rand van de afgrond kijken – en daarvoor hoeven we geen stap te verzetten, maar alleen goed te kijken naar wat hier ter plekke gebeurt.

Ik zit hier nu als dit lichaam op deze stoel, en zie hier dit scherm voor mij, en zonder dat ik ernaar hoef te kijken raken mijn vingers trefzeker steeds de juiste toetsen van dit toetsenbord om de woorden te schrijven die zich gaandeweg in mijn gedachten vormen. Mijn handen lijken wel een perfect mechanisch apparaat, en natuurlijk weet ik wel dat er allerlei touwtjes naartoe lopen die steeds aan de juiste spiertjes trekken, en ik snap wel dat ik het ben die op een of andere manier aan die touwtjes trek; maar ik kom niet verder dan dat vage ‘op een of andere manier’. Ik weet niet hoe ik mijn vingers aanstuur, of mijn benen wanneer ik deze kamer wil verlaten. Ik kan honderd keer tegen mijzelf zeggen: ‘Sta op!’, zonder gevolgen; en wanneer ik dan inderdaad opsta, dan weet ik niet waar of hoe die beweging begint. Mijn eigen lichaam, zo vertrouwd en zo dichtbij, is toch voor mij een volstrekt ondoorzichtig, onbegrijpelijk, heel vreemd ding.

Ik heb op school geleerd dat er voortdurend honderdduizenden processen gaande zijn op het niveau van cellen, hormonen, elektrische signalen – processen waar ik totaal geen greep op heb, en doorgaans ook geen enkel besef van heb. En nog geen enkele wetenschapper heeft het eenvoudigste en meest essentiële mechanisme van deze processen kunnen verklaren, namelijk dat de ene cel of de ene molecuul reageert op een andere. We kunnen wel constateren dat (wat genoemd wordt:) een witte bloedcel reageert op een lichaamsvreemde stof (bijvoorbeeld wat genoemd wordt: een virus) door een soort bestrijdingsmiddel af te scheiden (‘antilichaam’ genoemd) – maar ook op dit niveau is ‘waar en hoe die beweging begint’ volslagen ongrijpbaar. Te meer omdat wij geacht worden te geloven dat zich op dit niveau helemaal niets afspeelt van wat wij ‘bewustzijn’ of ‘waarneming’ noemen.

Wij zijn zowel doortrokken van als omgeven door een immense vreemdheid. Voortdurend participeren wij in een werkelijkheid die zich weliswaar direct onder onze neus afspeelt, maar als het ware op een andere planeet; en deze werkelijkheid is zo gigantisch groot. Als ik door dit raam naar buiten kijk, dan zie ik een grote plataan waarin eksters parmantig rondspringen en houtduiven rustig zitten en wandelen en in bepaalde maanden ook paren. En voorbij deze boom zie ik een brede sloot, aan de overzijde rijkelijk begroeid met gras en bloemen en struiken, waar langs de kant vaak een reiger geduldig staat te jagen op vis.

Als ik mij nu probeer voor te stellen wat zich op dit moment allemaal afspeelt binnen dit minimale blikveld: deze boom met zijn honderdduizenden bladeren als handjes grijpend naar lucht en licht, en met zijn onzichtbare wortelstelsels tot diep onder de grond, water zuigend en zoekend naar mineralen (wist je dat een volwassen boom dagelijks tot wel zo’n tweehonderd liter water uit de aarde opzuigt en omhoog pompt, tot in de hoogste en kleinste takjes en bladeren, voor ons geheel onzichtbaar en geruisloos?) – en alle mieren en torren en vliegen en vogels en ook de wormen onder de grond en alle vissen in de sloot, de geduldige reiger en elke dappere grasspriet. En dan hebben we het alleen nog maar over de wereld van de grote dingen die onze beperkte ogen kunnen zien; want wist je dat elke milliliter slootwater miljoenen bacteriën bevat, en dat zich op elke vierkante millimeter van jouw huidoppervlak een complete jungle afspeelt? Hoe gigantisch, de totaliteit van alles wat op dit moment gebeurt; en hoe absurd dat het letterlijk onder onze neus gebeurt, en wij zien het niet.

Maar we kunnen het ook gewoon tot mensen beperken. Ik hoor mijn buurvrouw rammelen met pannen in de keuken en iemand in een auto reed zonet door de straat onder het raam. Mijn buurvrouw ken ik een beetje, de persoon in die auto zag ik niet, maar in beide gevallen ben ik zijdelings getuige van een leven even groot, even diep, even echt en even kostbaar als het mijne is voor mij. Net als ik wordt mijn buurvrouw ’s ochtends wakker in een bed en naast een persoon, die voor haar even vertrouwd zijn als mijn bed en mijn levensgezel voor mij. Vervolgens hebben zij hun vertrouwde ontbijt aan hun vertrouwde tafel, en beginnen ze aan hun vertrouwde route door de dag. En wat zij in de loop van een dag allemaal zien en doen en denken en voelen en zich herinneren, en de mensen met wie ze spreken en de dingen waarover zij spreken, en de plannen die ze maken en de dromen die ze koesteren: ik weet er helemaal niets van, het is alsof het allemaal niet bestaat, maar ik hoef er maar even bij stil te staan om te beseffen dat het allemaal even echt gebeurt als dat ik hier nu zit te schrijven, en jij hier nu zit te lezen.

Mijn buurvrouw vertegenwoordigt een immense ruimte waar ik totaal geen weet van heb; en dat is alleen nog maar mijn buurvrouw. In dit kleine stukje straat, met een aantal gezinnen en studentenhuizen, wonen een stuk of vijftig mensen. Probeer je eens voor te stellen hoeveel werkelijkheid zich alleen al in dit stukje straat afspeelt op een doodgewone doordeweekse ochtend – en daar hoef je maar een beetje in te slagen of de duizeling slaat toe. Dus laten we maar niet denken aan een drukke winkelstraat op een zaterdagmiddag, of aan een stedelijk treinstation rond half negen in de ochtend. En opnieuw: hoe absurd dat deze gigantische werkelijkheid zich dagelijks om ons heen afspeelt, en wij zien het niet.


Geen idee. Filosofie van het boerenverstand.* 
Auteur: Jan Warndorff
Uitgeverij: Lemniscaat BV
Nederlandstalig, 232 pagina’s
ISBN: 9789047709466
€19,95

 


Jan Warndorff spreekt op 11 maart in De Bres in Leeuwarden. Nieuwsgierig geworden naar aanleiding van dit leesfragment? Klik hier voor meer informatie over dit evenement. 

*Dit artikel bevat (een) gesponsorde link(s), lees onze disclaimer.

Naar een nieuwe worldsense

11:00 - 12:15 16 december 2018 Splendor - Amsterdam

In het laatste hoofdstuk van ‘Les Damnés de la Terre’...

Lees verder

De stilte voor de woorden – Jan Bor

15:00 - 17:00 16 december 2018 The College Hotel - Amsterdam

Ben ik het beeld dat ik van mijzelf meedraag? Ben...

Lees verder

De kracht van de ongewenste gevoelens. Een pleidooi voor verveling.

20:00 18 december 2018 De Nieuwe Liefde Amsterdam

We zijn bang om niets te doen. Bang om iets...

Lees verder

Rituelen. Waarom we niet zonder kunnen – Herman De Dijn 

19:30 - 21:00 10 januari 2019 Radboud Universiteit - Nijmegen

Vuurwerk afsteken bij Oud en Nieuw, de trouwring als symbool...

Lees verder